Delta’s ontstaan nadat rivieren een waaier van sediment in zee leggen en deze verder tot boven de zeespiegel aangroeit. Volledig tegengesteld hieraan drong de zee Zuidwest Nederland binnen. Vrijwel het gehele oppervlak was ooit zoet en bewoonbaar land. De ontstane zeegaten maakten het land kwetsbaar en veroorzaken vele waterproblemen. Ook na de Deltawerken is er nog altijd sprake van een binnendringende zee, waarbij de invloed van de rivieren is geminimaliseerd.
Zuidwest Nederland is geen delta. De onjuiste aanduiding voor dit voormalige veen- en estuariumgebied met de naam Zuidwestelijke Delta, leidt tot misverstanden. Projecten die verzilten, ontpolderen en verdiepen vergroten er de problemen op het gebied van waterveiligheid en leefbaarheid.
Zeegaten zijn het beschermen niet waard. Wij moeten ons beschermen tegen de zeegaten.

Verdronken dorpen. Bron: Wikepedia

Dijkval veroorzaakt rampen
Om hervestiging niet te ontmoedigen, verzwegen de autoriteiten na de Watersnoodramp van ’53 bewust het afglijden van dijken. In tegenstelling tot de algemene opvatting, worden overstromingen doorgaans niet veroorzaakt door wateroverslag bij hoog water, maar bij lager water door dijkval.
Van de 89 doorbraken in ’53 vond er niet een plaats aan de kust, maar alle aan de flanken van de zeegaten en de hiermee verbonden binnenwateren. De vaak niet zichtbare bezwijkmechanismen van dijken, zoals onderspoeling, drijfzand en afkalving, maken het onvoorspelbaar waar het als eerste mis zal gaan als de dijken breken. Hier helpt geen dijkverhoging, wel afsluiting en peilbeheer.

Zout water is geen zeldzaam milieu
Zoet water is zeldzaam. Minder dan een tienduizendste van al het water op aarde is zoet oppervlaktewater. Van dit water in rivieren en meren is veel leven en welvaart afhankelijk. Zoetwaterschaarste is niet voor niets de onderliggende oorzaak van migratie en oorlog.
Zuinig zijn op dit water is van groot belang, maar in het huidige Deltaprogramma mag de zee het land nog verder binnendringen door getij op de Grevelingen en verzilting van het Volkerak-Zoommeer. Daarnaast wordt het grootschalig verlies van zoet water via de Nieuwe Waterweg gecontinueerd.

Het Deltaplan streefde naar kustherstel
Net als de Zuiderzeewerken streefde het Deltaplan naar een gesloten kustlijn en duurzame zoetwatervoorziening, maar de Deltawerken wijken hier aanzienlijk van af. Met dammen werden slechts drie van de vijf (zee)gaten gesloten en alleen het Haringvliet mocht verzoeten. Momenteel bedreigen (half-)open zeegaten de waterveiligheid en verzilting tast de leefbaarheid verder aan. Zeeland is nooit zo zout geweest. Tijd voor bezinning.

Noodberging en rivierregulatie
Bij hoge rivierafvoeren en stormopzet is de nationale noodberging Volkerak veruit ontoereikend. In noodsituaties is deze binnen 7 uur vol, terwijl er rekening gehouden dient te worden met een stormopzet van enkele etmalen. Alleen inzet van alle bekkens en nog te sluiten zeegaten als berging, in combinatie met regulatie van de rivieraanvoer vanuit het buitenland, kan de wateropvang waarborgen.
Anderzijds wordt droogte problematischer dan wateroverlast. Nu het meeste rivierwater Nederland ongebruikt passeert, nemen zoetwatertekorten en verzilting toe. In tijden van schaarste zijn we afhankelijk van de stuwmeren in de Alpen en de voorraden in de voormalige zeegaten. Het is van belang deze reserves aan te vullen met nog te verzoeten bekkens en deels af te dammen zeegaten.


Natuur en milieu
Sinds de gedeeltelijke realisatie van het Deltaplan, nemen we voor de afgedamde gaten plaatvorming in zee waar. Doordat de sterke getijdenstromingen voor de gaten verdwenen zijn, neemt de natuur er zelf de ruimte en tijd om zich te ontwikkelen. Deze aangroeiende schoorwallen staan bekend onder de onjuiste naam Voordelta.

Landinwaarts mogen we nooit getijden en zout stimuleren op plaatsen waar de zee, als indirect gevolg van menselijk handelen, teveel land heeft weggenomen of verzilt. Optimaal gebruik van zoet water kan de verzilting een halt toeroepen.
Ook al worden de ecologische schaduwzijden van de Deltawerken in vele rapporten vernoemd, van estuariene dynamiek, het ecologische streefdoel van het Deltaprogramma, is in de huidige planvorming vreemd genoeg geen sprake.

Ons land heeft geen estuarium meer. Dit is te realiseren door verkleining van de oppervlakten van de in open verbinding met zee staande wateren en een permanente toestroom van rivierwater, door de verandering van zeegaten naar een riviermonding.
Zeesluizen voor de Nieuwe Waterweg en een lange estuariene afvoerroute verhogen het rivierpeil en remmen de stroomsnelheid. De Haringvlietsluizen fungeren niet alleen als noodspui, maar het gehele jaar door als regelkraan voor zo natuurlijk mogelijke seizoensfluctuaties en overgangszones.

Effectieve aanpak gewenst
Onmisbare infrastructuur voor waterloopkundige verbeteringen, zoals zeesluizen voor de Nieuwe Waterweg en een Westerscheldedam, dienen rond 2050 aan het landelijk systeem toegevoegd te zijn.
Het Deltaprogramma behoort rond 2020 een verantwoorde beslissing te nemen over een landelijke klimaatbestendige toekomstvisie.

Wil Borm
Clemens de Witte

Adviesgroep Borm & Huijgens – integraal waterbeheer
november 2016