‘Verzilting is straks niet meer nodig’

BN/DESTEM Donderdag 18 maart 2010

Door Jan van Zuilen

ETTEN-LEUR – Rijkswaterstaat moet stoppen met het verzilten van het Volkerak-Zoommeer. Met deze boodschap gaan Wil Borm uit Etten-Leur en Cor Huijgens en Martien Boelaars uit Made volgende week naar het ministerie van Verkeer en Waterstaat.


De drie West-Brabanders, die vanwege hun betrokkenheid bij de Biesbosch, geïnteresseerd zijn in het watervraagstuk, zijn uitgenodigd door de directeur–generaal van het ministerie. Ze verwachten dan ook niet dat zij hen meteen weer buiten schopt, ondanks dat hun oplossing voor de blauwalgproblematiek in het Volkerak-Zoommeer haaks staat op het moeizaam bereikte compromis over verzilting. In plaats van zout moet er juist extra zoet water naar deze randmeren van West-Brabant worden geleid, meent het drietal. “Een jaar geleden zouden we zeker niet zijn uitgenodigd, maar geleidelijk gaan er ook bij Rijkswaterstaat stemmen op dat we het watervraagstuk anders moeten oplossen dan tot nu toe gedacht”, zegt Wil Borm.


Het minste wat de drie West-Brabanders hopen te bereiken is dat een besluit over de verzilting wordt uitgeteld tot er meer duidelijkheid is over hoe Nederland zich wil wapenen tegen de gevolgen van de klimaatveranderingen. “Dat is enerzijds een veiligheidsverhaal over de manier waarop we ons l;and beschermen tegen de stijgende zeespiegel, maar anderzijds ook een economisch verhaal. Hoe moeten we er voor zogen dat we genoeg zoet water overhouden? De meeste mensen beseffen dat niet, begrijpelijk, want de strijd ging tot nu toe altijd tegen te veel water, maar een tekort aan zoet water is net zo desastreus als een overstroming.” Zoet water, zo legt Borm uit, is niet alleen nodig voor drinkwater en voor de landbouw en de natuur,maar ook om het zoute zeewater tegen te houden.


“Tot nu toe lukt dat redelijk. De rivieren voeren zoveel af dat we de zee redelijk buiten de deur kunnen houden, maar de afgelopen jaren zijn er ook al een paar perioden van droogte geweest dat er wel zout naar binnen kwam. Met name via de Nieuwe Waterweg. Daar zijn ook al maatregelen tegen genomen, maar de verzilting rukt toch steeds verder op.”Verzilting is niet alleen slecht voor de landbouw, maar het tast ook de fundering van gebouwen en kunstwerken aan en het is niet bruikbaar in de industrie. Shell Moerdijk heeft al een paar keer de inname van koel- en proceswater uit het Hollands Diep stil moeten leggen, omdat het zoutgehalte te hoog was.” weet Martien Boelaars.

De drie West-Brabantse natuurleifhebbers aan tafel bij Wil Borm (midden) in Etten-Leur, links Martien Boelaaars uit Made , rechts Cor huijgens, eveneens afkomstig uit Made. Foto: Jan van Zuilen


Er is nu een Nationaal Waterplan in de maak. Dat moet in 2015 klaar zijn en antwoord geven op de vragen: hoe houden we de zee buiten en het zoet water binnen?
Borm, Huijgens en Boelaars verwachten dat er wat het zoet water betreft uiteindelijk voor de meest drastische oplossing wordt gekozen. Dat is een sluis in de Nieuwe Waterweg.
Borm: “Dat is ook logisch, want vrijwel al ons zoete water verdwijnt via de Nieuwe Waterweg in zee, gemiddeld met 1500 kubieke meter per seconde. Sluit die af met een sluis, dan heb je genoeg zoet water om het Volkerak en het Zoommeer door te spoelen en dat helpt net zo goed tegen blauwalgen als zout water. En het is veel goedkoper, want je hoeft er veel minder voor te doen.”